Eelkesweblok

GrootSneek

Dit bin kollums dyu’t ik skriuw foar it moanlikse blêd Groot Sneek

Kinderen

Als straks de rotonde van Joure omgebouwd is tot een gewone weg met afritten, rijdt het verkeer van Sneek over Joure en Heerenveen naar Leeuwarden. Dat gaat vast sneller dan over Dearsum en Tsienzerbuorren. Vandaar dat het verrassend was dat de burgemeester Hayo Apotheker van Súdwest-Fryslân ineens een nieuwe weg bedacht naast de spoorlijn Leeuwarden-Sneek. Wel begrijpelijk, dat spoor ligt er zo vaak uit, dat je dan wel graag uit de trein in een er naast rijdende auto zou willen springen. Maar burgemeester, hoe komt u op die idiote gedachte van een weg daar.   Dorpen als Scharnegoutum, Boazum en Mantgum zouden tussen spoor en weg vermorzeld en verkrimpt worden. Dat boereland wordt afgepakt is niet zo erg, want er moeten toch minder boeren komen, maar de laatste grutto’s die hier nog komen om KH2018 op te luisteren, zullen triest naar Groningen vliegen. Daar hebben ze nog ruimte, want op dat troosteloze afgedaalde land wil niemand wonen.

Hayo Apotheker is wel oud maar (nog) niet gek. Hij heeft ook alleen gezegd dat je misschien eens naar zo’n soort weg zou moeten kijken. Hij doet enkel hetzelfde wat ik hier zo nu en dan  doe: de mienskip wakker schudden. Nou, iedereen schrok schreeuwend wakker. Zelden zoveel ingezonden stukken gezien, al doen de redacteuren van de LC dat ook zelf wel onder andermans naam. Maar dat mag allemaal. Niet erg, alleen de discussie was begonnen voordat hij begonnen kon zijn.

Maar toen kwam daar plots zuster/burgmeester Johanneke Liemburg van het al uiteengevallen Littenseradiel binnen stuiven. Die is maar een beetje jonger dan Hayo , maar omdat haar gemeente verdwijnt koersen ze op gelijktijdige afscheid af en hebben nu alvast alle tijd om elkaar te irriteren. U zag het, ik schreef haar gemeente. Zo vereenzelvigen de burgemeesters zich met de gemeente die ze enkel maar besturen.

Stoute Hayo kwam met zijn vingertjes aan het nu nog grondgebied van Johanneke. Hij tekende daar een weg. Johanneke werd zo kwaad, ze schreeuwde het uit. Niet doen. Blijf af. Van mij.

Het wordt tijd dat Arno Brok komt en de kinderen naar bed stuurt.

 

Entree

Wil je Heeg binnen komen rijden vanaf de grote weg, kom je eerst over Osingahuizen. Lelijk dorp. Komt door het oude kaaspakhuis van de Lankhorst zuivelfabriek. Die stond al sinds 1886 in Osingahuizen.  Het kaaspakhuis aan de overkant is van later datum. En werd ook weer eerder ontruimd, al in het begin van de 80-er jaren. Burgemeester en wethouders zorgden er persoonlijk voor dat het eigendom werd van de jonge ondernemer Allard Syperda. Hij maakte er een helling van. Hoge kraan, grote loods, veel werkgelegenheid. De bruine vloot ontstond daar voor een deel. Beeld van die tijd, werkende mensen aan de buitenkant van mooie plaatsen. De zuivelfabriek zelf werd na het stoppen in 1986 een aannemersbedrijf en een garage.

Beeldvorming verandert. Alles telt tegenwoordig mee. Waar mensen ergens “binnenkomen” moet het al gepast zijn. Het ritje in Sneek vanuit IJlst over water is ook niet van de grootste schoonheid. Daar kijk je scheef naar. Zo keek de overheid ook naar Osingahuizen. Ze werden geholpen door een omwonende die het geluid van een hamer die tegen de scheepswand tikt niet kon hebben. De scheepswerf, intussen in handen van Jelle Talsma, werd gekocht door de gemeente. Want toen die jongens begonnen met die hamer tegen het ijzer te slaan, waren er nog geen geluidsverordeningen. Er was geen andere mogelijkheid: kopen. En Talsma moest 20 werknemers elders plaatsen.  Maar nu kon je wel wat doen aan de entree van Heeg.

Heeg verdient dat ook. Elk weekend deze zomer was er wel een evenement in Heeg. Ja, Woudsend en IJlst deden ook het een en  ander, maar ze konden niet tippen aan Heeg. Daarom verdient Heeg  een daverende entree. Het als helling verklede kaaspakhuis? Er gebeurt helemaal niets. We hebben zelfs al investeerders belangstellend horen dringen. Geen resultaat. De dames van Heeg hebben dit voorjaar een diner gehouden in de oude Lankhorst zuivelfabriek. Om te laten zien dat daar ook wat moet en kan gebeuren. Maar er gebeurt niets. Al is in dit geval de gemeente niet eigenaar. Wel van de helling. Hoeveel heeft die eigenlijk gekost? Weten we dat eigenlijk wel?

 

CH2018

Hindeloopen heeft wat meer verbindingen met China dan de rest van Fryslân. Pieter Bootsma reist al Hindeloopers schilderend door het land en laatst kwam de kunstenares Shen Yuan naar Hindeloopen. Ja, ze woont in Parijs, maar ze is Chinese. Ze kwam haar idee van een fontein presenteren. Iedereen was enthousiast, want het stads- en een tijdlang ook het gemeentewapen van Hindeloopen is er in  verwerkt. Ja, ze noemden het delen van de Hinde, maar stiekem is Shen Yau verder gegaan: Hindeloopers stammen immers af van langsvarende en rovende Vikingen, en die hielden van rendieren. De geweien daarvan zullen bij de kerk in Hindeloopen vast goed staan. Al zei iemand dat hij wel hoopt dat de fontein blijft spuiten, want een waterpartij hoeven we niet, we hebben het IJsselmeer al.

Maar weet je waar die plotselinge welbespraaktheid van normaal veel geslotener mensen uit Hindeloopen vandaan komt? Omdat als je zo’n fonteinontwerp ziet, je eindelijk wat kunt voelen van culturele hoofdstad 2018. Toen we als Fryslân tot hoofdstad benoemd werden, waren er nog vele jaren te gaan, nu is om deze tijd volgend jaar al begonnen met….. Ja, met wat eigenlijk? Burgemeester Hayo Apotheker was in zijn nieuwjaarsrede ook al vol verwachting over CH2018, maar je zag in z’n ogen dat hij blij was dan niet meer aan de burgemeestersketting te lopen. Want ook hij weet niks. Ja, dat zijn gemeente straks zes fonteinen moet onderhouden, en er water moet laten uitkomen, ook al gaan de koeien op het land dood van de dorst in deze klimaat-veranderende tijden.

Het CDA Fryslân, toch al geen grote fan van culturele zaken, sprak verontrustend over de korte rij sponsoren. Die doen niets, omdat ze niets weten. En wij weten ook niets. De vicieuze cirkel draait naar beneden. Ja natuurlijk, je hoort wel eens wat uit de Leeuwarder gevangenis, maar veel is het niet en bovendien vinden we met z’n allen die dingen die we horen niet zo daverend dat we de hele dag praten over CH 2018. Of zoals ik iemand hoorde zeggen “kulturele haadstêd, dat giet yn elk gefal net oer ús kultuur”.

Kerstmis

Overal zeggen ondernemers dat ze zelf niet meedoen aan politiek, omdat de politiek niet deugt. In de meeste gevallen verdienen ze in hun eigen bedrijf ook meer dan wanneer ze in de politiek zouden gaan, maar dat zeggen ze niet. Maar het is wel duidelijk, enkel journalisten gaan er tegenwoordig nog in de politiek…… . Dat is spijtig, want ondernemers zijn handig denkende mensen, die een gemeente of provincie of desnoods het hele land zien als een bedrijf. En het zo ook willen laten runnen. En dat is politici onmogelijk, al zijn  we benieuwd naar Trump.

Als ondernemers vinden dat politiek niet deugt, kon je verwachten dat als burgmeester Apotheker op de eindejaarsborrel van de HIS (Handel en industrie Sneek) zijn normaal positief getinte verhaal zou houden, dat de ondernemers daarna hun stekels zouden opzetten. Dat gebeurde niet. Het duo Apotheker-Offinga liet zien dat ze ambitieus zijn. Dat ze samen met de ondernemers bouwen aan een mooi Sneek, ook daar waar je binnenkomt. Dat ze de stijgende werkgelegenheidslijn  willen doorzetten

Natuurlijk komt er niet elke dag een kruiwagen met 2,5 miljoen voorbij. Natuurlijk is die toeristenbelasting kloten. Natuurlijk is Súdwest-Fryslân groter dan Sneek. Natuurlijk heeft die gemeente meer oever dan ze konden uitrekenen en straks onderhouden. Natuurlijk is er straks in windmolenpark bij Makkum, kost altijd geld.  Natuurlijk wordt die sluis bij Konwerderzand vergroot, kost ook geld. Natuurlijk zit het wegenonderhoud en de fonteinen de politici in deze gemeente op de nek. Natuurlijk zou alles bij de gemeente wel sneller kunnen. Natuurlijk praat je als gemeente met twee groepen ondernemers, winkels en  bedrijfjes. Natuurlijk had er al een nieuw bedrijventerrein moeten zijn. Natuurlijk is er altijd die vervelende provincie die dwars ligt.

Maar de ondernemers en gemeentebestuurders prikten er zo maar doorheen. In de grondslag van respect voor elkaar en elkaars ambitie. Ik keek om, en zag ze na afloop dicht bij elkaar staan, glas in de hand, met de andere hand werd op elkaars schouders geslagen. Plotseling kreeg ik een positieve bril. En dat is ook wel eens mooi, zo aan de eind van het jaar.

Bouwen

Normaal gesproken twitteren wethouders uiterst zelfgenoegzaam over de dingen die goed gaan in Súdwest-Fryslân. Zoals over het succesvolle Tweede-Kans-Beleid. Mooi. Eén bericht van Stella van Gent was wat minder positief. De eerste avond dat de strooiwagens uitreden vroeg ze zich af of er ook wat aan de gladheid die volgens haar ontstaat als Trump benoemd is, te doen zal zijn. Echt niet wereldvreemd, deze wethouder. Maar ik had wat meer verwacht over collega Durk Stoker. Niet over de zorg voor hem omdat hij met een motor over de kop sloeg en gewond raakte, want er was veel medeleven. Maar je verwacht dan dat het nu dan eindelijk wel duidelijk is dat er in (Súdwest)Fryslân geen motoren zouden mogen komen. En dat Stoker zijn eigen partijgenoten nu niet kan vertellen toch maar mee te gaan met de voorgestelde verhoging van de toeristenbelasting. Die is toch wel heel hard nodig.

Want Sneek gaat bouwen. Binnen een paar jaar moet de toerist van nu Sneek niet meer herkennen. De Houkepoort staat dan smoorvol woningen, duizenden mensen staan nu al te trappelen. Zo’n lekker affiche: ik woon op een eiland. Ook wordt de gehele Markstraat één geweldig ambtenarencomplex. Daar hoeven de toeristen overigens niet meer naar toe. Immers, ambtenaren behoren tot het establishment, en daar stemmen gewone mensen momenteel tegen. Het Flexaterrein wordt aangepakt, want het lijkt altijd zo zielig, die twintig autootjes op dat plein voor zo’n driehonderd. Die zandsculpturen kunnen wel naar de rondweg, bij het crematorium. Op het St. Antoniusplein staan straks vier grote supermarkten te concurreren en worden die vrije nieuwe huizen daarachter weer afgebroken, dan kun je daar weer mooi parkeren. En tenslotte wordt het hele gebied tussen Grootzand en Zuideind, al of niet cultuurhistorisch of monumentaal, afgebroken, en omgezet in moderne appartementen en ondergrondse garages. Zes jaar breken. Gelukkig liggen er om de vier meter bruggetjes over het Grootzand, kun je snel weg wezen van die rotzooi.

U begrijpt het. Voor dit alles is geld nodig. Veel geld. Dus elke toerist die een nachtje in die Sneker bouwrotzooi slaapt, betaalt een straks een kwartje meer.

Huis

Eind september commotie over de basisschool van Gaastmeer. Die moet dicht. Zonde. Gaastmeer had nog zo geprobeerd te profiteren van de regeling dat gemeenten in Nederland verplicht zijn om geaccepteerde asielzoekers-families op te nemen in woningen. Súdwest-Fryslân voldoet nota bene zowat het slechtst aan die verplichting. In Fryslân en dus in heel Nederland, want we doen alsof in deze krimpprovincie geen geschikte woningen zijn. Maar ze hebben wel samen met het schoolbestuur gezocht naar een woning in Gaastmeer. Niet gevonden. Hoe is het mogelijk.

Want de oplossing was in dit geval zo verschrikkelijk gemakkelijk geweest. Wij wonen bijvoorbeeld naast de school in Gaastmeer. Een huis met vier slaapkamers, waarvan twee heel ruim zijn. En in de winkels staan stapels stapelbedden. Ons huis staat al lang te koop. Om privéredenen, het heeft absoluut niets te maken met dat mooiste en heel sfeervolle dorp van Fryslân: Gaastmeer. Met die uitverkiezing doet de gemeente overigens ook niets, maar misschien vinden zij Sneek en Workum mooier; dat kan.

Waarom heeft de gemeente ons huis niet gekocht? Of een ander te koop aangeboden woning. De gemeente heeft ineens ook weer allemaal geld, dus dat had wel gekund. Als je als gemeente zo’n huis koopt, wordt je alom geprezen: weer een geaccepteerd vluchtelingengezin gehuisvest. En ook nog in een dorp waar de integratie heel gemakkelijk zou gaan, het dorp had z’n taak wel geweten. Die mensen die daar komen wonen zijn ook gelukkig, die komen in het mooiste dorp van Fryslân terecht. De school was goudgelukkig geweest, want het minimum aantal leerlingen was met één gezin gehaald. Ik neem aan dat de gemeente ook heel blij zou zijn met het kunnen handhaven van een school. En ik was ook tevreden geweest, blijf met fleur in deze pittige gemeente wonen.

Natuurlijk, de gemeente wil geen huiseigenaar meer zijn. Richt daar dan iets voor op, een woningcorporatie of zo. Die in meer dorpen aan het werk kan. Begin eens op die wijze. Misschien wil de minister dan de school in Gaastmeer ook nog wel openhouden. Ons huis staat op Funda.

 

Hurdsylskûtsjesilen

Er is een geweldige ruzie aan het ontstaan tussen de gemeenten Súdwest-Fryslân, zeg maar GrootSneek en  de gemeente Heerenveen, die intussen ook Groot zijn  geworden. Daarom deze keer in beide kranten dezelfde column. De oorsprong van de ruzie is  9 augustus 2017. Volgend jaar. Het is de dag van de hurdsyldei op Sneek, de traditionele woensdag van de beroemde Sneekweek. Merkwaardig overigens dat die Snekers die toch amper Fries kunnen spreken, het altijd over hurdsyldei hebben en niet over een hardzeildag. De andere kant, Heerenveen, heeft geen enkele belangstelling voor hurdsyldei. Die organiseren echter jaarlijks een skûtsjewedstrijd in Terherne. Daar zijn ze indertijd mee begonnen, want in Heerenveen is geen fatsoenlijk wedstrijdwater voor skûtsjes. Die skûtsjewedstrijd is volgend jaar  9 augustus. Exact dezelfde dag.

Dat gebeurt soms. De laatste keer was in 1987. Toen week de Sintrale Kommisje Skûtsjesilen ruimhartig uit, veranderde wat aan het programma en deed pas de week daarna vlak voor Sneek Terherne aan. Toen regende het de hele middag en vandaar dat de SKS heeft gezegd niet opnieuw te willen veranderen. Te meer nog omdat ze  kortgeleden in eigen gelederen afspraken het programma tien jaar niet te veranderen, ze houden van traditie.

Maar het Sneekweekcomité  slaat ook keihard op de trommel. Ze wijken niet. Uiteindelijk willen ze wel op hurdsyldei ook een wedstrijdje voor skûtsjes instellen, net als in 1965, maar dan moeten die ook maar de Sneekweekroute zeilen. Douwe Visser en  Alco Reijenga op de Goïngarijpster Poelen.

Keihard staan de twee verenigingen tegen over elkaar. Dat doen de media ons althans geloven. Het zal wel wat meevallen, al valt te verwachten  dat ze beide op hun stuk blijven staan. En dan moet de overheid ingrijpen. Dat is niet de gemeente Súdwest-Fryslân. Dat is niet de gemeente Heereveen. Nee, dat is de gemeente Fryske Marren. Die is namelijk in het bezit van het grootste deel van het Sneekermeer, zeker het deel waarop de skûtsjes zeilen aan de kant van Terherne. En die moet een oplossing bedenken. Ze moeten iemand gelijk geven; samen kan niet. Ik ben wel heel erg nieuwsgierig welke kant Fryske Marren uiteindelijk kiest.

Sneekweek

De officiële opening van de Sneekweek is altijd in de tuin van het stadhuis. Sneek heeft nog een stadhuis. Leeuwarden gaat z’n stadhuis ineens gemeentehuis noemen omdat Finkum straks ook in de gemeente zit. Het is te hopen dat de gemeente Súdwest-Fryslân het gewoon bij stadhuis laat, je moet toch een beetje de historie in waarde laten. En het is historisch on juist om de Sneekweek daar niet te beginnen. Bij de eerste hardzeildag in 1814 speelde het stadhuis misschien nog niet mee. Maar toen de dag een week werd, hebben ze er ongetwijfeld een borreltje gedronken. Dat mondde uit in een soort officieel gebeuren. Te druk. Te veel Snekers. Te veel rode broeken. Maar heel gezellig.

De belangen veranderen. In de tuin staat nu muziek. En drank. Waar moet je dan naar toe? Overal staat muziek. En drank. Dan maar de plaats waar anders altijd veel muziek en drank is, het theater Sneek. Je staat er niet door elkaar heen, maar zit netjes naast elkaar. Koud. Wel veel applaus. Maar dat is het ook wel zo’n beetje. Burgemeester Hayo Apotheker gaf al een voorproefje bij de presentatie van het Sneekweekprogramma. Zo blij dat er in lege zaken weer winkeltjes komen. En we kunnen daar nu ook heel goed komen, want we hebben nu om de honderd meter een bruggetje. En we hebben zo’n gezellig centrum. Enzovoorts.

De vlootschouw is ook al vervroegd. Die begint als het nog licht is. Die vlootschouw was toch altijd zo mooi omdat het in het donker was. Niet meer. Want zeiden de horeca jongens, dan kan iedereen tenminste op tijd de kroeg in, en kunnen de kinderen ook nog mee.  Daar gaat het dus allemaal om. Het is Sneek Promotion en de gemeente hard ingepompt. De Sneekweek is van de horeca. Hun bestaan is opgehangen aan de Sneekweek. De rest van het jaar is pure winst.

Maar stel u gerust, er is niets veranderd. Een groot aantal jaren geleden hoorde ik zo’n roodbroekige Sneekweekzeiler op een ochtend zeggen: “gisteravond toch zo heerlijk met de jeneverfles gestoeid…..”. Daar is het huidige Sneekweekprogramma nog steeds op gebaseerd.

 

 

Museaplan

Het is mooi dat de gemeente Súdwest-Fryslân een taak heeft gevonden voor het Bolswarder stadhuis. Het is lelijk dat je midden in een stadje zo’n eerbiedwaardig, maar ook leeg stadhuis hebt staan. Er stonden natuurlijk vroeger altijd veel antieke gebouwen leeg overal. Tegenwoordig wil je dat er meer in zo’n leeg gebouw gebeurd, dan er vroeger ooit gebeuren kon. Dat is voor het Bolswarder stadhuis niet zo moeilijk. Ja, Stef de Haas en Babs Hollander hebben nog even tegen de muren aan geschreeuwd. Maar daar hebben we alleen om gelachen. Niets van opgestoken. En nadat Wiegel de zuivelschool uit Bolsward had gepeuterd vanwege zijn herenakkoord met Groningen, gebeurde er daar nooit meer wat.

En nu gaat de gemeente Súdwest-Fryslân er een historisch centrum  in vestigen. Maar in 2014 was toch gezegd dat er drie Bolswarder musea en de bibliotheek in gevestigd zouden worden? Doorlezend blijkt dat het hetzelfde is. Het heet alleen maar ineens historisch centrum. Dat is nog eens een stukje upgrading. Verder doet het woordje up geen dienst. In 2014 kwam de boodschap dat het er allemaal zou komen, het is er nu nog niet. Op 21 mei  begint het Gysbert Japicxjier. Zijn vader ontwierp yn 1614 het Bolswarder stadhuis, dat in 1617 gereed kwam. Wat zou het mooi geweest zijn  in het jaar van de heit fan it Frysk in de schepping van zíjn heit te vieren.

Zou er intussen al iemand gedacht hebben over wat er met het Gysbert Japicxhûs aan de Wipstraat moet gebeuren? Of waar die andere interessante instellingen hun tehuis hadden? Dat horen we niet. We weten sowieso niet zoveel van wat het gemeentebestuur op cultureel gebied denkt, zal doen en nooit zal doen. Op zichzelf is zo’n bericht over historisch centrum Bolsward ook een steek in de rug van Hindeloopers en Workumers. Ook al van die eeuwenoude stedelingen. Die niettemin hun eigen moderne eigentijdse druk bezochte musea hebben. Workum het Jopie Huisman, Hindeloopen de schaatsers. Die het nog altijd zonder gemeentelijke steun moeten doen. En dat zou toch mooi staan in een gemeentelijk museaal plan, dat even verder kijkt dan Gysbert Japicx.

Zeikpraat

De gemeente Súdwest-Fryslân, zeg maar Sneek, heeft een uiterst vreemd kroegenbeleid. Ze hebben het overigens over horeca.  Voor de stad die het gezelligste centrum van Fryslân heeft, is dat wel curieus. Maar er zal geen enkele moeite worden gedaan om de oude Stadsherberg weer in het leven te roepen. Dat was toch een prachtige entree van dat gezellige centrum geweest. Tegelijk eerbiedwaardig. Die Stadsherberg was immers al van 1843. Het verleden druipt er van af. Er is zelfs actie gevoerd door de Sneker bevolking om de gemeente te bewegen het pand te behouden en weer in ere te herstellen. Ze zeggen nu dat het zo verrot is dat het afgebroken moet worden.

Ik was laatst even in Brugge. Een uiterst gezellige stad met een werkelijk prachtig en historisch maar niet achtergebleven centrum. Toen we er naar vroegen vertelde een oude Bruggenaar ons dat het oude Brugge bleef bestaan omdat de stad lang een armoedige periode had gekend. Zodoende werden er in die geen verwaarloosde oude gebouwen afgebroken en dan vervangen door moderniteiten. Van dat (armoedige) beleid plukt het Brugge van nu nog de vruchten van.

In Sneek zijn we te rijk. Zelfs de provincie Fryslân schuift achteloos drie ton af om die oude Stadsherberg, of liever dat Boumapand,  af te breken. Dat afbreken is namelijk heel duur omdat die lui die eertijds in de herberg zaten de grond wel ernstig vervuild hebben. Ze moesten waarschijnlijk nog in een hoekje van de tuin piesen.

Maar wat was het mooi geweest dat nu je het oude beeld van Sneek daar al zo hebt verwoest met een te moderne rotonde, vol af- en aanschuivend en constant doorschuivend verkeer, als dat weer was opgeluisterd met die Oude Stadsherberg. Desnoods met een ingebouwd modern toilet. Je hoeft ook niet te overdrijven.

Als de raad niet tegensputtert dan koopt de gemeente toch een kroeg. De Albatros aan de Somerrakpromenade. Maar dat verbouwen ze dan ook voor een klap geld. Daar komen vier ambtenaren te zitten. En verder worden het de toiletten voor de watersporters die die gezellige stad Sneek opzoeken. En die moeten net als vroeger nog steeds even zeiken.

 

Kaalslag

In het vroege voorjaar heeft de gemeente Súdwest-Fryslân in klasje vandalen losgelaten. En in paar weken tijd waren er geweldige rijen bomen in het toch zo prachtig gevarieerde landschap van onze gemeente omgehakt. De bevolking keek argwanend toe. Belden naar het gemeentehuis. Daar bleek dat het allemaal volledig democratisch gegaan was. Dat de inwoners best hadden kunnen weten dat die bomen gekapt zouden worden. Ergens is het gesmoord in de overleggen tussen dorpscoördinatoren en besturen van dorpsbelangen. Je kunt ook zeggen dat de journalistieke jongens van Groot Sneek het niet tijdig uit de raadstukken hebben geplukt. En je moet natuurlijk al die partijen, die zeggen op te komen voor de belangen van hun kiezers, ook niet vergeten. Maar ja, als je een wel-of-niet AZC moet afwegen tegen een iep, tsja.

Dat denk ik overigens allemaal maar. Ik weet dat helemaal niet. Ik kijk  net als iedereen niet in raadstukken of er ook ergens een boom wordt omgehakt. Ik zie enkel dat bomen omgehakt worden. Dan kan  ik al niks meer, want ik kan nog zo graag die boom daar willen houden, maar om is om. Doodzonde. Maar voor de gemeente wel zo handig, want onderhoud aan bomen is duurder dan kappen. En als je financieel bijna kaal bent, wil je dat je gemeente er ook zo uit ziet.

Nu hebben we hier een raad die heel erg openstaat voor de geluiden die uit de inwoners komen. En hier en daar werd natuurlijk wel wat gemord over die het bomenvandalisme van de gemeente. En gewaarschuwd dat onderhoud van onkruid in die boomloze stroken net zo duur is als onderhoud van bomen. Er komen dus bodembedekkers. 40.000 planten en siergrassen werden aangekocht. Smeerwortel. Kattenkruis. Duizendknop. Zonnehoed. We moesten wel even googelen om te checken wat dit allemaal is. Ûnfrysk. Maar wel onderhoudsvriendelijk, ze smeren zelf hun kruis. Kleurrijk ook. Vlindertjes komen er op los. En bijen. Bijen? Van die zoemdingen? Ja, Súdwesthoekse bermen vol zoemende en stekende dingen. Ja, ze zijn heel nuttig, maar we vinden ze ook wel heel vervelend. En dat had de gemeente nou ook met bomen.

Witmarsum

Het overleden D66 Kamerlid Gerrit Ybema, werd in 1945 geboren in  Witmarsum. Tien jaar later kwamen er nog twee gisse jongetjes uit de Witmarsumse rode kool. Hans de Boer, eerst de man van het MKB nu voorzitter van de VNO/NCW en Doekle Terpstra, eerst de man van het CNV, nu hoger onderwijs man. Ze kenden elkaar alle drie van het Haagse circuit. Gerrit is dood, Hans rijk en Doekle druk. Ze komen niet of weinig meer in Witmarsum.

Toch zou het goed zijn, dat ze het nu wel deden. De bevolking van Witmarsum weet het niet meer. De gemeente wil er wel een AZC bouwen op de plaats waar eerder ook al een AZC was. Het COA herkent het enthousiasme van destijds nog. Dus 300 man zei het COA. Dan gaan 300 van de 1700 Witmarsumers even achter het klooster staan. Apotheker kijkt en dwingt het COA tot 200. Ja als actie zo eenvoudig kan zijn, moeten we dan niet meer doen. Want afgezien van hoe je over vluchtelingen denkt, dorpen vinden AZC’s al gauw te groot opgezet. En als 300 op 1700 mensen veel is, dan is 200 dat ook.

Witmarsum discussieert. Daar zouden Gerrit, Hans en Doekle mee kunnen helpen. Ze zouden het ook niet eens zijn. Gerrit zou 300 zeggen, Hans wil geen vluchtelingen en Doekle zou dus een wazig tussenins verhaal hebben. Precies zoals de bevolking van Witmarsum nu ook reageert. Om nog maar te zwijgen over die projectontwikkelaar, die het AZC wil bouwen als hij de kerk maar mee mag nemen. Hij loopt geld verdienend voor COA en gemeentes uit.

In Witmarsum staan momenteel 36 woningen te koop. Krimpdorp. Geen vlag en wimpel overgehouden van de harmonieuze wijze waarop vijftien jaar geleden opvang werd geregeld. Van onderen op, al hadden de WItmarsumers veel steun bij de wethouder Karel Helder. Die nu het COA veroordeelt voor de werkwijze van  bovenaf.

Witmarsum denkt na. En komt tot de conclusie dat ze het wéér gaan doen. In de orde van die andere twee beroemdheden die in Witmarsum werden grootgebracht en zo boordevol liefde voor de rest van de wereld zaten. Pim Mulier en Menno Simons.

Don Quichotte

Als je echt strijd tegen windmolens op je erf wilt voeren, moet je zorgen dat er voldoende anderen met je mee doen. Anders verlies je het. Súdwest-Fryslân gaat het verliezen, want voor alle anderen is een kwak molens in de Zuiderzee de enige uitkomst. Die mensen wordt aangeraden in het donker eens in de buurt van Woudsend te rijden, dan zie je de windmolens bij de Noordoostpolder in het donker knipperen alsof je naast een vliegveld woont. Maar goed, de  ondernemers in Makkum hebben al plannen met windmolens als horizon, Hindeloopen bedenkt een eiland, Workum begint ook te schreeuwen. Dus de gemeente zal voldoende macht moeten hebben om de zaak uit elkaar te knuppelen en één samenhangend IJsselmeerkustbeleid in te voeren.

Dus ging wethouder Maarten Offinga eens op de dijk staan bij Makkum. Hij  keek hoe het allemaal daar zal worden. Hij zag ook de Afsluitdijk. Was er vorige week niet iets met die brug bij Kornwerderzand? Ze gaan toch die hele dijk opknappen? En in eens zag Offinga het licht. Hij ging terug naar het gemeentehuis en zei dat hij een verhaal wilde vertellen.

Als we naar het strand van Egmond gaan, omdat Makkum te klein is, staan we op de terugreis nog vier jaar voor die kapotte brug. Ongeveer dan pas dan gaan ze aan het werk met de nieuwe Afsluitdijk. En Offinga vertelt nu dat het maken van die nieuwe dijk in al z’n facetten 450 arbeidsplaatsen gaat opleveren aan de gemeente Súdwest-Fryslân. ????? Offinga legt uit. Dan laten we al die kleine ondernemers bij ons een bidbook maken en dat bieden we dan aan de hoofdaannemer aan en die pakt ze er dan zo weer uit. Hoppa.

Tsja. Offinga gaat er dus al vanuit dat we niet net als in 1932  zelf het hoofd gaan aannemen. Dat we afhankelijk zijn van de bereidheid  van “buitenlandse” hoofdaannemers om een Fries bidbook te lezen, maar waarvan wij allang weten dat ze hun onderaannemers al lang hebben klaarstaan. Je moet positief zijn: optimisme niet altijd tegenhouden. Maar een Don Quichotte op de Makkumer dijk wel.

School verlaters

Er werd  vrolijk feest gevierd op de scholen in het zuid westen van de provincie Fryslân. Gebak en champagne, omdat 170 schoolkinderen hun school eerder verlieten dan dat ze een diploma kregen. Merkwaardig genoeg bleek dat namelijk gemiddeld het laagste cijfer te zijn van heel Nederland. Dus trokken de media massaal naar het gemeentehuis van Súdwest-Fryslân om eens bij de wethouder te beluisteren hoe zij er nu voor zorgt dat Sneek, Joure en Wommels de bêste lannen fan ierde zijn. En Gea Akkerman had het antwoord klaar: samenwerking! Samenwerking? Ja, samenwerking tussen gemeente en scholen. Dus de kinderen in onze regio vinden het zó prettig dat de gemeente samenwerkt met de scholen dat ze dan  nog wel even langer in de schoolbankjes blijven zitten. Wij zoeken elkaar op, zei de wethouder trots. Het betekent denkelijk dat een gemeenteambtenaar en iemand van de school de dubieuze gevallen  opzoeken en dan constateren: ooh die kennen we. We kennen  elkaar hier allemaal. Syn heit woe ek noait, dat sil dizze ek wol ha.  Er zitten bijna 3000 kinderen op de Friese Poort, maar we kennen ze. Nou, en dan gaan de ambtenaar en schoolfrik samen zeggen: aah toe nou ju, blijf nog even zitten, dan zijn wij tenminste eerst in Nederland. Ach en er is in deze tijd niet zoveel meer te doen in de horeca, dus zo nu en dan bleef eentje op school. 170 gingen weg.

Maar toen kwam er iemand van een ministerie en die zei: nou dit convenant dat gemeente en scholen hebben getekend om samen te werken, dat gaan we nog een met een jaar verlengen. Omdat jullie het zo goed doen. Dus wij gooien er geld in dat er niet één maar  twee mensen op zoek kunnen naar dubieuze gevallen en dan roept iedereen dat ze samenwerken en dan zijn er volgend jaar nog steeds zo’n 170 kinderen die eerder van school gaan dan van hen verwacht wordt en dan blijft het gemiddelde analfebetisme aardig hoog in Fryslân. En toch: investering met een jaar verlengd. Hoera hoera.

En dan?

Bryfke

Achte hear Hayo Apotheker. Komselden rjochtsje ik my oan jo adres yn myn memmetaal. Jo kamen eartiids nei Ljouwert fan de Grinzer kant, sokken moat je wat heine. Jo haffelje tsjintwurdich wolris wat Frysk tsjin my, mar dan tink ik: o sa moedich, mar it hoecht net, want ik wol graach begripe wat je sizze. En de echte Friezen bin no ienris yntellingenter as de measte lju: wy kinne in taal mear.

Derfandinne, achte Hayo, moat ik jo histoarysk wat útlizze. Op de Fryske wetters fearen Fryske skippers en fiskers. Dy tsjutten de farwetters dan, at se alris wat tsjin elkoar seinen, yn it Frysk oan. De feart njonken de dyk dêr waard gewoan de Dyksfeart. Jo hienen dus ek gjin priisfraach útskriuwe hoegd foar de namme fan de feart fan de Wâldfeart nei de Geeuw, dat is gewoan de Dyksfeart. Mar ja, jo ha der de Slûpfeart fan makke, wylst elk gewoan sjen kinne dat je der farre,

Jo soene my al hast ferbetterje. Ja, it gebied om de Wâldfeart hinne, hjit Woudvaart. Dat mei. Elkenien bepaalt syn eigensinnichheden. Inkel oer wetter kin jim gjin eigensinnichheid ha. Wetter is frij. Mare Librum. En de provinsje Fryslân hearde inkel dy preuveljende skippers en fiskers, doe´t se foar it meitsje fan in kaart fregen nei de nammen fan wetters. Takomstige taalwûnders waarden net heard.

Dus achte Hayo, it is gewoan Snitsermar. Ja, jo ha ek jo frijheid, jo meie bêst Sneekermeer sizze, dan witte wý wol dat jo de Snitsermar bedoele. Mar dêrtroch feech je de Snitsers yn in rare taalknoop. Der is foar harren nammentlik mar ien mar op de wrâld, dus sizze se dan: dé meer. Net het meer, of de mar. Nee, dé meer. Ik begryp dat jo der mei sneekermeer by oanheakje woene, mar dat is dus mis.

Boppedat achte Hayo, leit de Snitsermar yn de gemeente Marrelân. Dy neame harsels Fryske Maren, as soene se dy allegear ha. Mar se ha de Snitsermar no krekt wol. En dy gemeente hat twa FNP wethâlders. Dus it is net frjemd dat dy jo no op de fingers tikje foar dat sneekermeer. Ien fan de weinige kearen dat se dêr gelyk ha.

Falliet

De gemeente Súdwest-Fryslân koerst lijnrecht af op een faillissement. Dat zei de gemeenteraad en die lui hebben er voor doorgeleerd. Nee hoor, zei wethouder Maarten Offinga, verwonderd over deze aanval. Wij staan nog niet eens onder toezicht van de provincie Fryslân, zoals Heerenveen. Maar zelfs zijn eigen onderhorigen van het CDA fronsten de wenkbrauwen. Want Súdwest-Fryslân doet hetzelfde als de voetbalclub Heerenveen. Die verkopen een speler voor een paar miljoen en hup dan is de begroting weer rond. Maar ze maken wel elk jaar een exploitatieverlies. Dat heeft Súdwest-Fryslân ook, maar omdat ze volgend jaar aandelen van Enixis gaan verkopen, houden ze (we dus) het droog. Nu lopen die aandelen wel goed, en ik weet niet beter dat je ze dan moet houden. Maar goed, de begroting is natuurlijk ook nog heilig. Nou ja, dan moet er nog eens vier miljoen bezuinigd worden. Maar we helpen de burger wat minder, en die mag zelf zeggen wat wel wat minder kan. En we donderen er nog wat ambtenaren uit en hup, dan zijn die centen ook weer binnen.

Dat ging de raad iets te eenvoudig. Verkeerd optimisme en grootspraak willen we niet meer horen van wethouders zei de gemeenteraad van Súdwest-Fryslân giftig, de buik vol van de twitters van de wethouders die voorbij schieten over zaken die goed gaan.

O jee. Discussie. Ruzie. Wantrouwen. En het huwelijk is er nog maar sinds 2011. En dan nu reeds dat gedoe. Poe. Dat komt niet goed.

Dat komt het zeker niet. Want intussen zijn er mensen aan het rekenen geweest en die kwamen daar met toekomstvoorspellingen uit tevoorschijn. En ik weet wel dat de uitkomsten van dat soort dingen altijd anders zijn, maar het plakt je wel een etiket op. En het etiket voor Súdwest-Fryslân is dat het last gaat krijgen van krimp. En gemeenten als Leeuwarden, Smallingerland en verdorie ook Fryske Marren krijgen dat etiket niet. Omdat zij vooruitzichten hebben op meer werk en Súdwest-Fryslân niet.

Er wacht ons Súdwesterlingen een vreselijk lot. Failiet. Krimp. Vertaald: geen geld meer, geen mensen meer en geen werk meer. Maar gelukkig hebben we dan nog wethouders die brallen dat het zo verschrikkelijk goed gaat met de gemeente.

Naast geschoten

Sneek is een voetbalstad. Hoewel dat historisch ook al het geval was, hoeven we nu alleen maar naar ONS en WZS/Sneek te kijken, dan  weten we dat het leeft. Ik hoor daar elke week heerlijke verhalen over. Prima.

Omdat de Leeuwarder Courant nog altijd van stoken houdt, kunnen we daar nu steeds lezen dat de ambitie van Sneek veel groter is in de voetbalwereld. Het schijnt dat er een groep Sneker mannen is, die stiekem ´s nacht bijeenkomen en dan gezamenlijke onvrede ventileren over het beleid van SC Heerenveen. Dat is natuurlijk legitiem, ware het niet dat al deze lieden óf vrijwillig, óf professioneel verbonden zijn aan diezelfde voetbalclub SC Heerenveen. Weliswaar in een ingewikkelde structuur waarbij er onvoldoende duidelijk is wie nu eigenlijk de eindverantwoordelijkheid heeft, maar toch….. Dan ben je indertijd wél in een constructie gestapt die je zelf niet eens goed begrijpt. Vraag dat dan eerst. Dit soort revoluties achter de schermen telt alleen maar verliezers. Maar alla, het mag allemaal, iedereen mag zeggen wat hij vindt.

Waar ik mee zit is echter dat het een Sneker groep is. Wat maakt Snekers anders dan andere gewone mensen. Hebben Groot Snekers  meer verstand van het leiden van een voetbalclub dan andere gewone mensen? Of is Sneek ineens de nieuwe hoofdstad van Fryslân-zonder-Leeuwarden geworden, die het alleen voor het zeggen wil hebben in de Friese voetbalclub. En ik hoor alleen maar dat een aantal huidige bestuurders bij SC Heerenveen niet goed zou functioneren, maar ik hoor niet hoe WZS/ONS/Heerenveen  straks de titel in de eredivisie weg zal halen. En hoe het bloeiend gezond bedrijf gaat worden. Of steken ze er het in de Sneekweek verdiende geld in het vervolg in. En bouwen ze dan een nieuw stadion hier in Sneek. Bijvoorbeeld naast het crematorium, waar het Friese voetbal tot leven kan komen maar eventueel na een paar jaar ook weer opgestookt.

Merkwaardig dat een aantal lieden, waar onder mensen die jaren niet door dezelfde deur konden, nu gemeenschappelijk de ellebogen slijpen. Dat kan alleen maar betekenen dat ze op eigen gewin of status uit zijn. Dat mag. Maar niet onder het spandoek Sneek.

Markant

De gemeente Súdwest-Fryslân wordt makelaar. Straks als de vuurwerkschoten op oudejaarsavond klinken, staat er al een groep mensen klaar. Die gaat zo snel mogelijk de gemeente rond en vraagt:  staan hier ook nog lege markante, karakteristieke, historische panden. Mochten mensen weten wat het criterium markant is, dan knikken ze. Die zijn er wel. Want Groot Sneek staat op nul, maar in feite is dat stilstand, dus krimp. Die mensen geven dus aan waar scholen staan, die niet meer gebruikt worden. Of kerkgebouwen waar ze met de Kerst net nog geweest zijn voor een slokje wijn, eventjes, maar verder komen ze er ook niet. Ruim die ook maar op. Ook anderszins zijn er markante panden die niet meer gebruikt worden. Zo heeft een plaats als Woudsend altijd nog altijd twee hele grote eenheden van de oude verzekeringsmaatschappij ASR. Leeg. Lelijk, maar markant lelijk. Wie wil in hemelsnaam die rommel hebben.

Maar dan komt het. Die commissie gaat handelen in die gebouwen . Ze noemen dat niet handel, ze gaan praten met eigenaren en met eventuele kopers. Maar dat is handel. Ze gaan overigens ook praten met de mensen die er omheen wonen. Want je kunt niet zomaar zes vluchtelinggezinnen in een oude school zetten. Of een hoerentent in het ASR gebouw. Daar moeten wij ook wat van vinden.

Prima dat de gemeente zich zorgen maakt om al dat spul dat daar maar staat te verkommeren. Leefbaarheid is een groot goed. Maar ze nemen daarbij ook zomaar de verantwoordelijkheid. De eigenaren van scholen en kerken zuchten verlicht. De gemeente regelt het wel. En als ze de prijs niet helemaal krijgen bij een bedrijf wat er wel in wil, ach dan legt de gemeente vast wel wat bij. Denken ze. Daarom denkt de gemeente misschien ook wel dat zij beter makelaar zijn dan de jongens die er voor hebben doorgeleerd.

Verhip. Er staat ook in IJlst een markant gebouw leeg. Nou ja, straks dan. Dat gemeentehuis van Wymbrits. Dat zou zo verkocht worden zeiden ze, toen ze de ambtenaren dwongen naar Sneek te gaan. Maar als dat wat moeilijk loopt kunnen ze altijd nog zeggen dat die lijst van die commissie ook zo verrekte lang is.

Advertenties